|
|
|
|
|
MEDITATIE
MEDITATIE
Lachen mag
Naast de ‘ritus paschalis’, de rite van Pasen, heeft de kerk ook een traditie van de ‘risus paschalis’. Risus betekent lach in het Latijn. De lach van Pasen. In de middeleeuwen bestond er een gebruik dat er op Paasmorgen grappen werden verteld en uitgehaald, Pasen als hét moment voor een goede mop.
De Paaslach als afsluiting van de vastentijd, van inkeer en boetedoening. Voor de priester en het kerkvolk een moment van ontlading, na de spanning die meekomt met de voorbereiding op Pasen en de plechtigheid van de Paasnacht.
Ik moest er aan denken toen ik op Goede Vrijdag een stuk in de krant las van Jan Beuving en Merel Schelland met als titel ‘koester de slappe lach’. Zij vertelde over de ervaring dat zij in haar jeugd een keer op een zeer ongelegen moment de slappe lach gekregen te hebben. Namelijk bij de Bijbellezing na de maaltijd op bezoek bij een vriendinnetje. Haar ouders waren not amused.
Ik moest er wel om lachen, ook vanwege de herkenning. Een tijdje terug lazen we thuis het verhaal van Bileam, met de pratende ezel, dat werkte behoorlijk op de lachspieren.
Zelf vertel ik graag het verhaal van een Vlaamse priester over een schriftlezing uit de profeet Jona. Dat is van oudsher 1 van de lezingen in de Paasnacht. Jona die naar de grote stad moet gaan om de bevolking tot omkeer op te roepen. Zeer tegen zijn eigen zin in.
Maar goed, degene die de schriftlezing las, de lectrix, had het consequent over Jona in Ninéve. Na afloop, bedankte de priester haar: mooi gelezen, alleen spreek je de naam van de stad uit als Ninevé. Waarop de lezeres in goed Vlaams zei: Nou pastoor, ver zat ik er dan nie néve.
Echt gebeurd. Lachen mag. Koester de slappe lach. En Pasen is daarvoor de dag. Heeft dat dan iets met de boodschap van Pasen te maken? Ik denk het wel.
Denk aan het paaslied: de steppe zal bloeien, zal láchen en juichen.
In de vroege middeleeuwen werd het Paasverhaal namelijk gepresenteerd als een goede grap. Een ‘prank’ zouden onze kinderen zeggen. De uitleg was namelijk dat Jezus de dood heeft overwonnen door de duivel beet te nemen, er in te laten tuinen.
Jezus sterft aan het kruis, de duivel is dan in z’n nopjes, die denkt een mooie slag geslagen te hebben. De zoon van God in zijn macht. Maar als Jezus dan afdaalt in de hel, blijkt hij sterker dan de duivel, die wordt in de boeien geslagen, en de mensheid die in de hel zat opgesloten, wordt bevrijd.
Dus Jezus is dan een lokaas en de duivel trapt er in. Die dacht beet te hebben, maar wordt beetgenomen. Een grap. Daar zijn prachtige ikonen en schilderijen van gemaakt. Het is mythisch denken.
Wij moderne mensen kunnen dat niet echt serieus nemen. Maar misschien zijn wij wel te serieus. Misschien heb je iets van dat mythische denken nodig om tot die bevrijdende lach van Pasen te komen. Om van je cynisme af te raken en goedlachs het Leven tegemoet te gaan.
Ds. Franc de Ronde
| | terug
|
| |
|
|
|
|